De opvang van asielzoekers moet kleinschalig en vooral lokaal worden ingevuld, vinden Linda Voortman en Laura Bromet van GroenLinks.
De afgelopen tijd hebben we hartverwarmende initiatieven gezien vanuit de samenleving om asielzoekers op te vangen. Maar ook zien we verzet vanuit de bevolking tegen de overhaaste komst van opvanglocaties.
Hiermee gepaard gaan de klachten van gemeenten en particulieren over de rigide en soms stuurloze houding van het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (Coa). Zo luidde de burgemeester van Heerenveen de noodklok over bussen met onbegeleide vluchtelingen en verkeerde aantallen asielzoekers. Als handreiking kwam het Coa niet verder dan dat ‘hij zich er maar mee moest redden’.
Nu het aantal vluchtelingen fors toeneemt, neemt ook de noodzaak toe om kritisch te kijken hoe we de vluchtelingenopvang kunnen organiseren. Dit kan volgens ons democratischer en kleinschaliger. Om zo lokale initiatieven te stimuleren, maar ook om de zorgen van inwoners serieus te nemen.
Abrupt
De opvang van vluchtelingen moet eerlijk over alle gemeenten verdeeld worden. Dit kan niet zonder ze regie te geven. Gemeenten zijn al verantwoordelijk voor het huisvesten van statushouders, asielzoekers met een verblijfsvergunning. Daarnaast gaan ze over de opvang van bijvoorbeeld daklozen en sinds dit jaar ook over zorg, werk en jeugdhulp voor hun inwoners.
In de opvang en begeleiding van asielzoekers kunnen zij deze taken aan elkaar verbinden. De verzoeken van het Coa aan gemeenten zijn echter vaak abrupt en kort dag. Het Coa laat weinig ruimte voor gesprekken met omwonenden of voor het maken van een lange termijnplan.
Hiermee is niet gezegd dat het Coa niet zijn best doet. Dat het nu acuut om noodopvang vraagt bij gemeenten is geen symptoom van een slechte planning, maar van slechte aansturing en budgettering vanuit het Rijk. Het Coa weet pas aan het eind van het jaar hoeveel geld het krijgt voor de opvang van asielzoekers. Het Coa is zo gedwongen zich reactief op stellen: zodra meer asielzoekers zich melden, moet het snel aan slag om opvangplekken te regelen. Dit belet gemeenten om tijdig in gesprek te gaan met omwonenden en meer begrip te creëren.
Op dit moment keurt het Coa alleen grootschalige ruimtes goed. Dat moet anders. Kleinschalige opvang biedt meerdere voordelen: het is gemakkelijker te organiseren, er is sneller draagvlak voor onder omwonende burgers, het maakt integratie in de samenleving makkelijker en is prettiger voor vluchtelingen dan de grootschalige opvanglocaties.
Geen gehoor
Diverse gemeenten hebben kleine opvanglocaties aangeboden aan het Coa, maar zij vinden geen gehoor. Dit soort plekken kosten relatief meer geld en zijn minder efficiënt te managen, vindt het Coa.
De moeilijke opdracht om een goede balans te vinden tussen het opvangen van vluchtelingen en het rekening houden met de lokale gemeenschap wordt zo ondergeschikt gemaakt aan het belang van de centen. De voordelen van kleinschalige opvanglocaties worden hiermee genegeerd.
De organisatie van de vluchtelingenopvang moet op de schop. Alle gemeenten moeten meedoen en de regie krijgen, waarbij ook kleinschalige opvang mogelijk is.
Het is tijd dat wij het beter organiseren van de vluchtelingenopvang boven het belang van de portemonnee stellen.